Buyk & Partners

Eindejaarstips 2009: Optimaal beleggen in Box 3
04.11.2009
Er zijn verschillende mogelijkheden om het belastbare vermogen
omlaag te krijgen. Hieronder laten we zien hoe u dat doet.
Fiscaalvriendelijke beleggingen
Fiscaalvriendelijke beleggingen zijn er in verschillende soorten en
maten.
Maatschappelijke beleggingen en het verstrekken van venture (durfkapitaal) kunnen gebruikt worden om het heffingvrije
capital
vermogen te verhogen met maximaal € 55.145. Voor beide soorten
beleggingen kan de verhoging apart verkregen worden en bij 'fiscale
partners' zoals echtgenoten mag het bedrag nog eens
verdubbeld worden. De maximale verhoging van het heffingvrije
vermogen komt daarmee op maximaal viermaal € 55.145 is € 220.580.
Onder 'maatschappelijke beleggingen' wordt verstaan: beleggingen
in aangewezen groenfondsen en aangewezen sociaal-ethische fondsen.
Onder 'het verstrekken van durfkapitaal' wordt verstaan:
- directe beleggingen in de vorm van een – geregistreerde en achtergestelde – lening aan een beginnend ondernemer (natuurlijk persoon of 'kleine' bv);
- indirecte beleggingen in aangewezen durfkapitaalfondsen;
- culturele beleggingen.
Let op: naast de verhoging van het heffingvrije vermogen
geldt voor dit soort beleggingen (met uitzondering van de indirecte
beleggingen in durfkapitaal) nog een extra heffingskorting van 1,3%
over het vrijgestelde bedrag. De heffingskorting mag afgetrokken
worden van de te betalen belasting.
Een voorbeeld. Stel dat u € 40.000 maatschappelijk belegd
heeft, en dat u bovendien € 40.000 aan durfkapitaal heeft
uitgezet (rechtstreeks of cultureel). Aangezien beide bedragen binnen
het maximum van € 55.145 vallen (en dus vrijgesteld zijn van de
vermogensheffing in box 3), mag u nog tweemaal 1,3% van € 40.000
in mindering brengen op uw belastingafdracht. Dat is: tweemaal €
520 is € 1.040. De extra heffingskorting geldt niet voor
indirecte beleggingen in durfkapitaal.
Waarschuwing: het feit dat een belegging fiscaalvriendelijk
is, betekent niet automatisch dat het ook een goede belegging is. Nog
afgezien van de rendementsontwikkeling moet je altijd rekening houden
met de mogelijkheid dat de fiscale faciliteit tussentijds wordt afgeschaft.
Aangewezen beleggingsfondsen
We zetten de mogelijkheden voor u op een rijtje:
- culturele beleggingen: Triodos Cultuurbank bv, Triodos Cultuurfonds en VastgoedCultuurFonds.
- sociaal-ethische beleggingen: ASN Novib Fonds, Oikocredit Nederland Fonds, Stichting NOTS Investments enTriodos Fare Share Fund;
- groenfondsen: bijna elke bank heeft wel een aangewezen groenfonds.
Bron: www.belastingdienst.nl
Algemene vrijstelling voor iedereen
Van het totale vermogen van de belastingplichtige is € 20.661
per persoon vrijgesteld. Voor fiscale partners wordt dit bedrag
verdubbeld. Dit wordt het 'heffingvrije vermogen' genoemd.
Algemene vrijstelling voor kinderen
Het heffingvrije vermogen mag verhoogd worden met € 2.762 per
minderjarig kind.
Algemene vrijstelling voor ouderen
Belastingplichtigen die eind 2009 of bij het eind van de
belastingplicht 65 jaar of ouder zijn, kunnen onder bepaalde
voorwaarden gebruik maken van de zogenaamde ouderentoeslag (de
onderstaande inkomensgrenzen gelden vóór inachtneming van
de persoonsgebonden aftrek):
- bij een inkomen van maximaal € 13.978,- bedraagt de ouderentoeslag maximaal € 27.350;
- bij een inkomen boven € 13.978 en maximaal € 19.445 bedraagt de ouderentoeslag maximaal € 13.675;
- bij een inkomen boven € 19.445 komt men niet meer in aanmerking voor ouderentoeslag;
- het vermogen mag (na aftrek van het heffingvrije vermogen) niet hoger zijn dan € 273.391per persoon (dus € 546.782 voor fiscale partners).
Bijzondere vrijstellingen
Voor sommige bezittingen gelden bijzondere vrijstellingen:
- bossen, natuurterreinen en onbebouwde gedeelten van aangewezen landgoederen;
- voorwerpen van kunst en wetenschap, voor zover niet bedoeld als belegging (bijvoorbeeld: schilderijen die in de kamer hangen);
- voorwerpen die niet van u zijn, maar die u krachtens erfrecht wel mag gebruiken (zoals de oude Jaguar die uw kinderen geërfd hebben maar waar u zelf in mag blijven rijden); ook in dit geval mogen de voorwerpen niet bedoeld zijn als belegging;
- rechten op kapitaalsuitkeringen bij overlijden van uzelf, uw partner of bloed- en aanverwanten, of op prestaties in natura voor een begrafenis (bijvoorbeeld: uitvaartverzekeringen), voor zover het verzekerde kapitaal of de waarde van de polis niet meer bedraagt dan € 6.703 per persoon;
- rechten op kapitaalsuitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval.
Lijfrenteaftrek 2009
Voor lijfrentepremies gelden twee soorten aftrek: de jaarruimte en de
reserveringsruimte. Hieronder vindt u de mogelijkheden:
- Aftrek in het kader van de jaarruimte is in principe mogelijk, mits de desbetreffende lijfrente aantoonbaar bedoeld is ter compensatie van een eventueel pensioentekort. Per geval moet uitgerekend worden hoeveel er afgetrokken mag worden.
- Aftrek in het kader van de reserveringsruimte wordt – net als bij de jaarruimte – getoetst en moet eveneens per geval berekend worden. Essentieel is hier dat er teruggekeken wordt naar de zevenjarige periode die voorafgaat aan 1 januari 2009 (had u vanaf 2002 een pensioentekort?).
Voor beide opties geldt: om in aanmerking te komen voor aftrek in
2009, kunt u de premie nog betalen tot en met 31 maart 2010, mits de
aanslag nog niet onherroepelijk vaststaat.
Vermogensrendementsheffing drukken
De vermogensrendementsheffing in box 3 is gebaseerd op het gemiddelde
van twee peildata: 1 januari en 31 december. Dus als u al van plan
was om vermogensbestanddelen uit box 1 of box 2 te verkopen (een
eigen huis, een ter beschikking gesteld pand, AB-aandelen, etc.), dan
kunt u de verkoop daarvan het beste 'over de jaarwisseling heen
tillen'. Anders wordt de verkoopopbrengst op 31 december bij uw
vermogen geteld. En omgekeerd: als u van plan bent om dergelijke
vermogensbestanddelen te gaan kopen (met eigen geld), dan kunt
dat het beste vóór de jaarwisseling doen.
Tip voor dga's
Bij het uitkeren van dividend draagt de bv 15% dividendbelasting af,
waarna de dga zelf nog 10% bijbetaalt voor de inkomstenbelasting
(totaal: 25% belastingheffing). Het kan dus handig zijn om tijdig een
voorlopige aanslag aan te vragen. Zo vermijdt u de heffingsrente en
verlaagt u de grondslag voor box 3.


